Een aantal jaren geleden wisselde ik van werkgever: ik ging van een drukke baan met de aansturing van zo’n 90 medewerkers  naar een drukke baan met minder werknemers maar wel met heel andere uitdagingen. Ik was niet de eerste die dezelfde wissel toepaste, dus ik kende al een aantal mensen en verheugde mij enorm erop weer met hen samen te werken. De overgang was voor mij dus een vooruitgang en ik had positieve gevoelens bij het ondertekenen van het contract, al knaagde het wel een beetje de mensen achter te laten met wie ik de afgelopen jaren zo goed had samengewerkt: we hadden met zijn allen echt een geweldig team neergezet en binnen het bedrijf was mijn team van moeilijk naar voorbeeldig geëvolueerd.  Kon ik ze nu wel achterlaten? Zouden ze het zonder mij ook volhouden met hetzelfde plezier aan het werk te gaan? Je denkt altijd dat je onmisbaar bent, maar hier had ik wel een dubbel gevoel over.

Ook altijd fijn aan het einde van een dienstverband: je hebt vaak nog wat vakantiedagen over en in de afrekening zit ook dikwijls een stuk(je) vakantiegeld. Daarom besloten we om een behoorlijk lang weekend naar Madeira te gaan. En hoe goed kwam dat uit: het afscheid van mijn medewerkers hakte er flink in: er werd heftig gehuild op de afscheidsreceptie en helemaal tegen de cultuur van het bedrijf in, was één cadeautafel niet genoeg. Behalve een bijdrage aan het gebruikelijke gemeenschappelijke afscheidscadeau hadden heel veel collega’s nog een eigen speciaal cadeau gekocht met een eigen boodschap erbij. Volledig verbluft ging ik die avond heel laat naar huis, een auto vol met nieuwe herinneringen en aandenkens. Het duurde wel even voordat ik die avond sliep.

Twee dagen later reden we naar het vliegveld en nog steeds hadden we het over die bijzondere afscheidsreceptie en eerlijk gezegd: het stemmetje dat ik ‘mijn’ mensen in de steek liet was nog steeds luid en duidelijk in mijn hoofd te horen. Maar ik vermande me: het was nu tijd voor plezier. Nu is vliegen niet echt een hobby van me, dus met enige spanning en stress ging ik aan boord. Maar in plaats van een angstig gevoel over het vliegen, voelde ik mij bij het verlaten van de startbaan losscheuren van mijn werk en mijn collega’s. De pijn was bijna fysiek, maar eenmaal op de juiste hoogte kwam er al een soort rust over me. De landing op Madeira is altijd een beetje spannend vanwege de wel erg korte landingsbaan, maar sinds mijn vorige bezoek veel jaren eerder bleek deze verlengd, dus ook dat viel eigenlijk wel mee.

Madeira is een prachtig eiland, ook in november en de vakantie bevatte alles wat ik mij maar kon wensen: een prachtige natuur, botanische tuinen met veel groen en prachtige bloemen, vriendelijke mensen, geweldig lekker eten en leuke bezienswaardigheden. Het waren dagen die gevuld waren met leuke dingen en het was volop genieten. Pas tijdens de terugreis dacht ik weer aan het werk en de collega’s die ik achtergelaten had. En -vreemd- het was nu zonder dubbel gevoel of twijfel of ik wel de goede beslissing had genomen. Het was nu een dierbare herinnering en ik keek vol verwachting uit naar de toekomst en mijn nieuwe werkkring. Was het de verstreken tijd of was het de vakantie: ik houd het op het laatste! Helemaal los van het dagelijkse en de waan van de dag gaf mij de ruimte om het oude achter te laten en klaar te zijn voor het nieuwe.

Dus ben je in de gelegenheid tussen twee banen op vakantie te kunnen gaan: doen! En dan kan ik uit ervaring Madeira van harte aanbevelen.